de ontruiming

Op 20 mei liep het moratorium af zonder dat er een minnelijke regeling met Ymere tot stand was gekomen. Een paar dagen later ontving ik een brief van de deurwaarder dat hij op 4 juni de woning zou ontruimen. Om deze ontruiming te voorkomen moest ik weer via de schuldhulpinstantie een voorlopige voorziening aanvragen bij de rechtbank. Deze aanvraag voor een voorlopige voorziening werd toegewezen door de rechtbank omdat de zitting waar de WSNP aanvraag zou worden behandeld nog moest plaatsvinden op 21 juni. De ontruiming op 4 juni ging daarom niet door.

De WSNP aanvraag werd op 25 juni door de rechtbank afgewezen omdat ik geen problematische schuldenlast heb. Door dit vonnis mocht de woning ineens weer wel ontruimd worden. De rechter adviseerde mij op de zitting om een goede huurrecht advocaat te zoeken om de ontruiming te voorkomen. Volgens de uitspraak van de rechter had ik gedurende 8 dagen na het vonnis recht op hoger beroep. Van Puurzuid had ik begrepen dat de deurwaarder binnen die 8 dagen niet mocht ontruimen. Daardoor had ik wat tijd om een goede huurrecht advocaat te zoeken, zoals de rechter had geadviseerd.

Ik had een nieuwe schuldhulpverlener toegewezen gekregen bij Puurzuid, ze heet Mirjam. Ik vroeg aan Mirjam of zij een goede huurrecht advocaat kende. Ze zei dat ze hele positieve verhalen had gehoord over Jaasma de Winter Advocaten en over Hemony Advocaten. Vooral over Jaasma de Winter Advocaten had ze veel positieve verhalen gehoord. Die belde ik natuurlijk als eerste. Ik kreeg een vriendelijke advocaat aan de telefoon maar hij vertelde dat er helaas niets meer mogelijk was om een ontruiming te voorkomen. Daarna belde ik Hemony Advocaten. Daar kreeg ik ook een vriendelijke advocaat aan de telefoon. Volgens hem was er wel een executiegeschil mogelijk maar hij zei dat ik daarvoor bij de advocaat moest zijn die mij bijstond tijdens de ontruimingsprocedure omdat die advocaat van de Raad voor Rechtsbijstand een toevoeging/budget had ontvangen voor mijn zaak en dat een andere advocaat daardoor gratis aan mijn zaak zou moeten werken. Ik heb toen de advocaat van Quest Advocaten gebeld die mij bijstond tijdens de ontruimingsprocedure. Hij zei dat hij mij heel graag wilde helpen maar hij zei ook heel eerlijk dat hij geen aanknopingspunten zag voor een executiegeschil maar als een andere advocaat wel aanknopingspunten zag voor een executiegeschil dat deze andere advocaat dan gewoon een toevoeging hiervoor kon aanvragen bij de Raad voor Rechtsbijstand. Ik mailde Mirjam dat de betreffende advocaten niets voor mij konden betekenen. Via de mail stuurde Mirjam de naam van nog een goede advocatenkantoor en dat was Spuistraat 10 Advocaten. Daar kreeg ik te horen dat ze mijn zaak niet zouden oppakken, zonder opgaaf van reden. Het werd mij duidelijk dat een goede huurrecht advocaat niets kan doen en dat de ontruiming een feit is. Mirjam wilde nog wel met de deurwaarder overleggen over een oplossing maar dat leek mij kansloos en inderdaad werden al haar voorstellen afgewezen.

Op 2 juli ontving ik opnieuw bericht van de deurwaarder dat hij de woning op 10 juli zou ontruimen. Deze ontruiming was niet meer tegen te houden. Ik had geen andere woning. Er was ook geen tijd om een andere woning te zoeken via Woningnet. Ik mocht blij zijn als ik bij een daklozenopvang onderdak zou kunnen vinden. Ik heb aan Mirjam van Puurzuid gevraagd wat ik nog zou kunnen doen. Ze zei dat er verder niets meer mogelijk was. Ze zei dat Puurzuid niets meer voor mij kon doen en ze wist niet bij wie of welke instantie ik dan wel moest zijn, zei ze.

Ik had na aanzegging van de ontruiming 7 dagen om onderdak te regelen en 2 van die 7 dagen vielen in het weekend. Ik had mij niet voorbereid op deze situatie. Ik had er geen rekening mee gehouden dat WSNP kon worden afgewezen. Ik dacht eerder wel dat het moratorium zou worden afgewezen omdat ik geen problematische schulden heb. De schuldhulpinstantie heeft het nooit over de mogelijkheid gehad dat WSNP kon worden afgewezen. WSNP werd altijd gepresenteerd als laatste redmiddel om niet dakloos te raken. Ik had geen plan B als WSNP werd afgewezen want ik was ook gestopt met een woning zoeken via Woningnet omdat ik had begrepen dat er in het WSNP traject zoveel mogelijk geld gespaard moest worden om aan de bewindvoerder en aan Ymere te betalen en hoe sneller je dat voor elkaar krijgt hoe eerder je uit dat traject bent. De kosten van een verhuizing en voor een nieuwe woning staan in het WSNP traject een oplossing in de weg. Hoewel ik er geen rekening mee had gehouden dat de WSNP kon worden afgewezen vond ik het niet erg dat het was afgewezen maar ik wist niet hoe het dan verder moest. Ik was radeloos. Hoe moet je binnen 7 dagen een huis/onderdak regelen in een land waar duizenden daklozen in de wachtrij staan?

Op 2 juli ontving ik dus het bericht van de deurwaarder over de ontruiming. Puurzuid kon niets meer doen. Ik heb toen maar op 3 juli de gemeente Amsterdam gebeld want de overheid wil zo graag iedereen huisvesten en tenslotte betalen we hen daarvoor belasting. De gemeente Amsterdam zei dat ik naar het Stadsloket moest voor daklozenopvang. Ik besloot om de volgende dag op 4 juli naar het Stadsloket te gaan. Maar eerst ging ik op 4 juli naar het spreekuur van Sociaal Raadslieden en Maatschappelijk Werk om te kijken of zij een oplossing wisten. Op het spreekuur kreeg ik te horen dat ik mij met spoed moest aanmelden bij het Daklozenloket van de gemeente Amsterdam. Er werd gezegd dat er hele lange wachtlijsten zijn voor daklozenopvang maar je komt alleen op de wachtlijst te staan als je je aanmeldt bij het Daklozenloket. Later op dezelfde dag had ik een informeel gesprek met een hulpverlener bij een andere instantie en hij zei tegen mij dat er diverse opvangmogelijkheden waren maar dat de gemeente per se wil dat familie en vrienden onderdak regelen. De hulpverlener gaf mij het advies om te zeggen dat ik geen netwerk heb want alleen dan kom je in aanmerking voor daklozenopvang.

10 juli was de dag van de ontruiming. Het schoot mij op 3 juli ineens te binnen dat het Fonds Bijzondere Noden Amsterdam had gezegd dat ze de openstaande rekening wel wilden betalen als er verder geen andere mogelijkheden meer waren. Dat zei ik tegen Mirjam van Puurzuid. Ze zei dat ze dat zou uitzoeken. Ik zei ook tegen haar dat het aanvraagformulier al ondertekend in mijn dossier zat. Later ontving ik een terugkoppeling van Mirjam dat een betaling de ontruiming niet kon tegenhouden maar dat ze het bedrag voor de deurwaarder ging aanvragen bij het Fonds. Het reeds ingevulde en door mij ondertekende formulier wilde ze niet opsturen. Ik heb geen idee waarom niet. Ze wilde een nieuw formulier invullen en ze vroeg of ik dat op vrijdag 5 juli wilde komen ondertekenen. Ik zei tegen haar dat ik mij op 5 juli eerst ging aanmelden bij het Daklozenloket en dat ik daarna bij Puurzuid zou langskomen om het aanvraagformulier te ondertekenen.

Ik ging op vrijdagochtend 5 juli naar het Daklozenloket van de gemeente Amsterdam. Ik liep nietsvermoedend het gebouw binnen en ik werd meteen staande gehouden door 2 beveiligers. Je mag namelijk je tas niet mee naar binnen nemen. Die moet in een kluis. Je mag de spullen (legitimatie, aankondiging ontruiming etc.) die je nodig hebt wel uit je tas halen en in je handen vasthouden. Nadat mijn tas in een kluis werd opgeborgen, kreeg ik daarvan een sleutel overhandigd. Met mijn handen vol spullen mocht ik doorlopen naar de wachtruimte. Het was daar afgeladen met bezoekers en beveiligers. Allemaal doodgewone, normale en vaak jonge mensen die dakloos zijn. Het is blijkbaar niet meer rendabel om hele delen van de bevolking te huisvesten. Overheid en woningcorporaties willen geld zien van de expats, de buitenlandse studenten, de buitenlandse opkopers, de Nederlandse huisjesmelker etc. Ik heb ook het vermoeden dat er ergens in de EU een subsidiekraan openstaat zodat asielzoekers wel snel een huurhuis krijgen. De mensen aan de balie bij het Daklozenloket zijn wel ontzettend aardig en meelevend. Ik moest een formulier invullen bij het Daklozenloket. Men wil weten waar je op dat moment verblijft. Je moet opgeven waar je slaapt (naam en adres alstublieft) anders wordt je niet geholpen. Regels zijn regels. Vroeger noemde men het oorlog. Nu heet het een rechtsstaat. Iedereen die jou helpt moet je erbij lappen. De nazi’s zouden jaloers zijn op dit systeem. Nadat je de formulieren hebt ingevuld, krijg je een nummer en moet je –met al je spullen in je handen- plaatsnemen in de wachtruimte.

Toen ik aan de beurt was moest ik plaatsnemen in een kleine ruimte waar binnen weer een soort loket is. Aan de andere kant van het glas zat een vriendelijke man die echt wel zijn best deed. Hij vroeg of ik kon lezen en schrijven, of ik drugs en/of alcohol problemen had, of ik psychische problemen had, of ik overlast veroorzaakte etc. Toen ik zei dat ik geen problemen heb op het gebied van de zaken die hij noemde, concludeerde hij dat ik geen probleem had. Toen voelde ik zo’n woede in mij oplaaien waardoor ik ineens begreep waar agressie tegen hulpverleners vandaan komt. Dit is namelijk geen hulpverlening. Het is mensen die in een noodsituatie zitten respectloos behandelen door het dakloosprobleem waarvoor ze nota bene bij een daklozenloket aankloppen te ontkennen. Ik telde tot tien. Die meneer zei dus dat ik geen probleem had en dat ik bij mijn netwerk onderdak moest zoeken want er was voor mij geen opvang, zei hij. Ik had begrepen dat er wel opvang is en daarom zei ik dat ik geen netwerk heb. Eigenlijk heb ik ook echt geen netwerk als het om opvang gaat. Ik ken gewoon niemand die een kamer over heeft. Bovendien zijn de meeste mensen die ik ken bang voor instanties. Vandaag geldt deze regel en heb je geen last van hen. Volgende week geldt er weer een andere regel en wordt je met terugwerkende kracht aangepakt. Dus ik heb echt geen netwerk voor opvang en ik zei dat tegen die meneer en ik zei ook dat de mensen om mij heen bang zijn voor de gevolgen voor henzelf. Dat ze geen problemen willen met de verhuurder van hun eigen woning en al helemaal niet met de Belastingdienst. Die meneer zei dat de regels zijn dat je moet aankloppen bij je netwerk en dat het niet uitmaakt hoe mijn netwerk daarover denkt. (Het lijkt mij beter dat burgers voortaan belasting betalen aan hun netwerk zodat ze daar voor daklozenopvang kunnen aankloppen.) Ik bleef volhouden dat ik geen netwerk heb. Hij zei uiteindelijk dat ik terecht kon bij het Passantenhotel maar dat daar wel een enorme wachtlijst is. Ik zou daar dan een half jaar mogen wonen en in dat half jaar mag ik dan op basis van mijn inschrijfduur bij Woningnet een woning proberen te vinden. Die meneer zei dat ik het Passantenhotel tussen 11:00 uur en 12:00 uur mag opbellen om mij aan te melden en te vragen op welke plaats ik op de wachtlijst sta. Tot slot gaf die meneer mij het advies om ’s nachts als ik buiten moet slapen om dan in de buurt van een politiebureau te verblijven omdat er bij de politie ook wel slaapplaatsen zijn en misschien is er een plek leeg dan mag ik daar misschien slapen. Ik kreeg ook een blauwe boekje. Daar staat in waar je terecht kunt voor een nacht opvang e.d. of waar je zou kunnen douchen en waar er activiteiten worden georganiseerd voor daklozen. Dit wordt allemaal betaald door de belastingbetaler. Zo groot is de schade die overheid en woningcorporaties aanrichten doordat zij hun taak (de burger huisvesten) niet kunnen of willen uitvoeren.

Van het Daklozenloket ging ik meteen door naar Puurzuid om het aanvraagformulier van het Fonds Bijzondere Noden Amsterdam te ondertekenen. Nadat ik dat had gedaan vroeg ik aan Mirjam of er een maatschappelijk werker bij Puurzuid aanwezig was. Ik wilde namelijk weten op welke plek ik op de wachtlijst van het Passantenhotel terecht zou komen na aanmelding. Het was al 12:00 uur geweest en het was vrijdag 5 juli. Ik ging ervan uit dat ik het Passantenhotel maandag pas weer kon bellen. Misschien heeft een maatschappelijk werker een ander telefoonnummer van het Passantenhotel dan het nummer waar ze tot 12:00 uur te bereiken zijn. De volgende dagen was het weekend en ik wilde niet zo lang wachten want woensdag was de ontruiming. Ik wilde weten waar ik aan toe was. Ik kreeg toen een gesprek met Marleen. Zij is een maatschappelijk werkster bij Puurzuid. Helaas had Marleen geen ander nummer van het Passantenhotel maar ze wist wel dat het Passantenhotel op zaterdag en zondag gewoon op dat nummer te bereiken was. Dus ik hoefde niet tot maandag te wachten. Marleen bleek een hele betrokken maatschappelijk werkster te zijn die gelijk met mij begon mee te denken aan een oplossing zodat ik op 10 juli niet op straat hoefde te slapen. Terwijl ik niet eens een afspraak met haar had, zocht ze met mij internet af op zoek naar mogelijkheden zoals bijvoorbeeld een woning via anti-kraak. Marleen ging ook overleggen met haar collega’s om te kijken of zij misschien een oplossing wisten. Daarna kwam ze terug met een optie voor opvang via De Regenboog Groep. Zij waren een proef gestart voor daklozenopvang voor zelfredzame mensen. Een slim persoon was op het idee gekomen dat zelfredzame mensen dakloos konden raken. Marleen belde met De Regenboog Groep. Ze kreeg daar Malika aan de telefoon. Malika had het razend druk maar toen Marleen mijn situatie uitlegde, begreep Malika dat het om een noodsituatie ging en we planden een gesprek tussen al haar afspraken door op maandag 8 juli.

Op 8 juli ging ik naar een soort buurthuis in Amsterdam Oost voor de afspraak met Malika. Ik wachtte bijna een uur en ze kwam maar niet. Het leek mij beter om weg te gaan om elders om hulp te vragen want er was geen tijd meer om naar een oplossing te zoeken. Ik werd er heel zenuwachtig van. Moest ik blijven wachten? Kon ik niet beter gaan inpakken? Maar waar moest ik dan naartoe? Er kwam een dame langs. Ze zei dat ze Maria heette en ze vroeg of ik Malika al eerder had gesproken. Toen ik zei dat dat niet het geval was, zei ze dat ik dan ook wel bij haar terecht kon. Ik vertelde aan haar wat er aan de hand was. Later kwam Malika er ook bij zitten. Ze stelden beiden precies de juiste vragen waardoor ik in hele korte tijd de hele geschiedenis met Ymere, de Huurcommissie, de rechtbank, schuldhulp en de uiteindelijke ontruiming heb verteld. Terwijl ik eigenlijk alleen kwam vragen waar ik vanaf woensdag terecht kon voor onderdak. Maar beide dames waren heel betrokken bij hun werk en ze wilden de beste oplossing voor mij. Ze pleegden diverse telefoontjes in mijn bijzijn om een oplossing te vinden. Helaas ging dat niet meteen. Ik ging naar huis zonder dat ik een adres had voor opvang.

Thuis aangekomen stond er een voicemail van Maria van De Regenboog Groep op mijn antwoordapparaat. Ze had advocaat Wout Albers van het kantoor Boogert & Haring Advocaten bereid gevonden om mijn zaak op te pakken. Ze vroeg of ik hem direct wilde bellen. Het was al avond. Ik belde de advocaat op. Hij had het over een kort geding de volgende dag op 9 juli om de ontruiming van 10 juli te voorkomen. Ik zei dat ik twijfelde of dat wel haalbaar was en hij zei dat mensen te snel opgaven en dat we wel iets moesten proberen anders zou ik zeker dakloos zijn op 10 juli. De advocaat kwam daadkrachtig over en hij leek mij wel de juiste persoon om mee te proberen de ontruiming te voorkomen. De advocaat vroeg of ik op 9 juli ’s ochtends bij hem op kantoor wilde langskomen zodat ik de hele geschiedenis rond de ontruiming aan hem kon vertellen en hij zou dan ook de dagvaarding in orde kon maken.

Op 9 juli ging ik ’s ochtends naar de advocaat. Ik vertelde in korte tijd zoveel mogelijk over de ontruiming en wat eraan vooraf ging. De advocaat belde in mijn bijzijn met de deurwaarder met het voorstel dat het Fonds Bijzondere Noden Amsterdam het restant van de openstaande rekening zou betalen en de vraag of de ontruiming in dat geval 3 maanden kon worden uitgesteld. Als de deurwaarder/Ymere daarmee akkoord gingen dan zou het kort geding van die middag niet doorgaan. Ymere wilde echter per se de volgende dag ontruimen en daardoor ging het kort geding wel door. ’s Middags om 15:00 uur moest ik naar de rechtbank voor het kort geding. We hebben –kort gezegd- aan de rechtbank uitgelegd dat het Fonds Bijzondere Noden Amsterdam bereid was om het restant van de openstaande rekening aan de deurwaarder te betalen en dat we voor 3 maanden uitstel van de ontruiming wilden zodat ik mijn woonduur van 32 jaar kan verzilveren. De advocaat zei ook dat het de gemeenschap veel geld zou schelen als ik gewoon de tijd kreeg om een andere woning te zoeken. Ymere zei inhoudelijk niet zoveel. Ze klaagden over mij als persoon en over mijn blog. De rechter leek het verzilveren van mijn 32 jaar woonduur belangrijker te vinden dat de ontruiming de volgende dag. Misschien ook vanwege het feit dat de rekening direct voldaan zou worden door het FBNA. De rechter gaf uitstel van ontruiming tot 9 oktober 2019. Voor die datum moest ik een andere woning zien te vinden via Woningnet. Wout Albers bleek een topadvocaat die zonder veel ophef het beste resultaat voor zijn cliënten wil regelen. En de rechter was natuurlijk de enige bij de rechtbank die ze nog op een rijtje heeft.

Vervolgens reageerde ik elke week op 2 woningen via Woningnet. Je zou denken dat je met 32 jaar woonduur direct een woning hebt maar 32 jaar woonduur stelt niets voor. Er zijn hele volksstammen die om allerlei redenen voorrang hebben op een woning. Op woensdag keek ik op de site van Woningnet voor welke woningen ik hoog genoteerd stond als kandidaat. Dus een plek tussen de 1 en de 15. Op zondag keek ik of ik nog steeds veel kans op de betreffende woningen maakte. Vaak stond ik dan op een lagere plek, op plek 34 of zo en dan krijg je geen uitnodiging voor een bezichtiging. Dan paste ik mijn keuze op het laatste moment aan naar een woning waar ik meer kans op maakte. Meestal ontvangen de kandidaten 1 tot en met 15 een uitnodiging voor een bezichtiging. Ik heb vreselijke woningen gezien waar ik acuut depressief van werd. Maar ik heb ook leuke woningen gezien en minder leuke woningen die ik toch maar accepteerde omdat ik niet dakloos wilde raken. Helaas gingen alle woningen aan mijn neus voorbij vanwege de voorrangsregels. Alle woningen gingen naar mensen met veel minder woonduur of inschrijftijd dan ik. De kans was groot dat ik toch bij het Passantenhotel moest aankloppen voor daklozenopvang. Ik had mij wel aangemeld bij het Passantenhotel en ik stond daar op een wachtlijst. Ik belde hen regelmatig op om te vragen op welke plek ik stond. Toen ik mij begin juli aanmeldde stond ik op plek 36 op de wachtlijst. Op 5 september had ik nog steeds geen andere woning gevonden en ik stond toen op plek 15 op de wachtlijst van het Passantenhotel. De kans dat ik voor 9 oktober een woning zou vinden via Woningnet was klein. De kans dat er voor 9 oktober een plek vrij zou komen bij het Passantenhotel was ook klein.

Op 6 september ontving ik ineens een uitnodiging om een woning te bezichtigen. Voor die woning was ik de 2e kandidaat. Ook dat stelt niets voor. Het is juist een hele lastige positie. Vooral als je de perfecte woning hebt bezichtigd, kost het als kandidaat 2 veel moeite om verder te zoeken en de voordelen van andere woningen te zien. Ik had eerder al de perfecte woning gevonden maar ik was de 2e kandidaat. Op de 1e plaats stond een kandidaat met voorrang. Pas na een maand had ik duidelijkheid. Zoveel tijd had ik nu niet meer. Maar dit was wel mijn laatste kans op een woning want gelet op de tijd die het reageren op de advertenties kost, gevolgd door de selectieprocedure, de bezichtiging, het opsturen van alle documenten en daarna de controle van de gevraagde documenten etc. was dit gewoon mijn laatste kans op een woning. Het was een woning die ik niet eens wilde maar ik had erop gereageerd omdat het stond geadverteerd als een maisonnette. Ik wilde gewoon weten hoe een maisonnette er in het echt uitziet. De woning was ook nog eens in Amsterdam Noord. Ik woon nu 35 jaar in Amsterdam en ik ben in al die jaren hooguit 3 keer in Amsterdam Noord geweest. Ik was elke keer blij dat ik daar niet woonde. De bezichtiging was op 10 september tussen 15:30 en 15:50. Onderweg naar de bezichtiging kwam de tram hopeloos vast te zitten in het verkeer in de Vijzelstraat. Ik moest met de tram en de veerboot naar de woning. Toen ik op de veerboot stapte waren er al 10 minuten van de bezichtiging voorbij. Ik had nog 10 minuten. Ik moest echt rennen om nog iets van de bezichtiging mee te maken. In mijn haast zag ik nog wel dat ik door een mooie laan rende. De woningen zagen er van buiten heel leuk uit. Toen ik buiten adem de trap opkwam, zei de verhuurmakelaar dat ik 2 minuten had om de woning te bezichtigen. Ik zag binnen felrode verf, knalblauwe verf, gecombineerd met zalmroze verf en kanariegele verf. Vreselijk! Ik zag ook mooie Franse ramen en balkondeuren. Ik rende de 2e trap op. Daar zag ik een mooie overloop. Ik hoorde beneden mensen klagen over de woning. Ik ging naar beneden om mee te luisteren maar toen was de bezichtiging voorbij. Ik heb de woning maar geaccepteerd. Er was gewoon geen tijd meer om een andere woning te zoeken. Na de selectieprocedure werd ik de eerste kandidaat. Ik kreeg tot 16 september de tijd om alle gevraagde documenten op te sturen. Na controle van alle documenten heb ik op 27 september het huurcontract ondertekend. Daarna ben ik de woning gaan bezichtigen. Er zijn zoveel gebreken aan de woning dat het onbewoonbaar is. Ik kan er niet koken want de gaskraan is naast de wasmachinekraan gemonteerd met alleen plek voor één apparaat. De afvoer van de wasmachine werkt niet. Er is geen KPN aansluiting in de woning. Dus geen telefoon, internet en televisie. Op de 2e etage doen de radiatoren het niet en zo kan ik nog wel even doorgaan.

Ik heb alle gebreken en verbeterpunten op een rij gezet voor Eigen Haard en voor de gemeente Amsterdam want de woning is een gemeentelijk monument. Ik heb ook een plan van aanpak geschreven om de woning te verbeteren waarbij ik zelf een groot deel van de werkzaamheden ga uitvoeren maar ik wil ook dat de woningcorporatie en de gemeente hun verantwoordelijkheden oppakken want een likje verf is niet voldoende in de woning. Er zijn bijvoorbeeld prachtige oude deurlijsten in de woning en mooie Franse ramen en balkondeuren en 2 hele mooie houten trappen maar alles is verknald doordat beschadigingen en vuil zijn weggewerkt met dikke lagen verf. Er is overal geverfd over vuil, schilfers en korrels. Overal moet het verf eraf gebrand worden en het beschadigd hout moet hersteld worden. Dat komt neer op een dure renovatie. Ik kan dat wel doen. Ik heb een ambachtelijk beroep. Maar ik weet inmiddels helaas ook hoe een woningcorporatie een huurder het huis uitwerkt als het huis in waarde stijgt. Toch wil de restaurateur in mij de woning in de originele stijl en staat herstellen en op een paar punten verbeteren qua indeling d.m.v. kleine verbouwingen. Ik wil de woning praktischer indelen. Je bent de dochter van een huizenontwerper of niet. Het kan een prachtige woning worden. Als de woningcorporatie en de gemeente met een budget over de brug komen om mijn plan uit te voeren dan ga ik de woning opknappen.

Ik ben precies op 9 oktober verhuisd omdat mijn huidige woning niet geschikt is voor bewoning (nu nog steeds niet). Daardoor kon ik niet eerder verhuizen. Maar op 9 oktober moest ik wel verhuizen anders zou de deurwaarder ontruimen.

Ik ben dus verhuisd. Ik ben De Pijp uit. Ik was diepongelukkig toen ik de eerste nacht in de nieuwe woning moest slapen. Maar ik sliep wel heel goed. Ik heb geen bovenburen want ik bewoon nu 2 etages. Ik slaap tegenwoordig zonder oordoppen. Ik hoor de buren wel maar ik kan ze gelukkig niet meer verstaan en alles klinkt gedempt. Ik word niet meer gewekt door de wekker van de bovenburen maar door mijn eigen wekker. En niet geheel onbelangrijk: er komt ‘s nachts geen stank van ongedierte onder de vloer vandaan. Dus ik ben wel een beetje gelukkig met mijn nieuwe woning. Eigenlijk past zo’n monument en het ambachtelijk opknappen ervan ook wel bij mij maar ik voel mij er gewoon niet thuis op dit moment. Ik heb elke dag wel honderd redenen om niet naar huis te gaan.

Van Ymere heb ik niets meer vernomen. Toen ik de verhuurdersverklaring ging ophalen ben ik voor het eerst in mijn leven naar het kantoor van Ymere gegaan. De tweede keer dat ik naar het kantoor van Ymere ging was om de sleutels in te leveren. Ymere heeft wel gezegd dat ik mijn waarborgsom niet terugkrijg. Ymere zegt dat Woningbedrijf Amsterdam rond het jaar 2000 aan alle huurders de waarborgsom mét rente heeft terugbetaald. Ik heb echter niets ontvangen. Vervolgens zei Ymere dat ik geen waarborgsom heb betaald omdat daar niets over staat vermeld in het huurcontract. Volgens Ymere hebben sommige huurders een waarborgsom betaald en sommige niet. Ik behoor volgens Ymere tot de huurders die geen waarborgsom hebben betaald. Ymere kan mij niet vertellen waarom er volgens hen voor mij een uitzondering is gemaakt waardoor ik de waarborgsom niet hoefde te betalen. Ymere zegt dat als je een waarborgsom betaalt dat dat dan in het huurcontract staat vermeld. Inderdaad staat in mijn huidige contract dat ik een waarborgsom heb betaald maar het staat niet in mijn vorige huurcontract terwijl ik echt een borg moest betalen. Dat was de regel bij Woningbedrijf Amsterdam. Elke huurder betaalde een borg. Hier moet ik wel bij vermelden dat ze bij Woningbedrijf Amsterdam zwendelaars van de eerst orde waren. Misschien moest het toen ook vermeld worden in mijn huurcontract maar wisten ze dat ik (toen heel jong) nog nooit een huis had gehuurd en daardoor niet wist wat gebruikelijk was. Ik kreeg na betaling van de borg een reçu als bewijs van betaling. Deze reçu ben ik kwijt en in het huurcontract staat niets over een borg en Ymere kan geen kopie van de betaling vinden in mijn dossier. Woningbedrijf Amsterdam had sowieso een dubieuze werkwijze als het op financiën aankwam. Het waren geboren fraudeurs. Bijvoorbeeld: toen rond 1998 in alle 40 woningen in het complex de keuken moest worden vernieuwd, kreeg iedereen daar een bericht van. Maar uiteindelijk kregen 3 bewoners een nieuwe keuken. De overige bewoners kregen te horen dat ze geen nieuwe keuken kregen omdat iemand er met het budget vandoor was. Dat was normaal bij Woningbedrijf Amsterdam. Ik heb in al die jaren dat ik daar woonde nooit een nieuwe keuken gekregen. Mijn keuken werd altijd bij elkaar gehouden met ducttape. Een deur van een keukenkast van het aanrecht bleef alleen op zijn plek als ik het ondersteunde met 3 glazen potten. Die fusie met Ymere was gewoon de volgende stap in de fraudecarrière van Woningbedrijf Amsterdam. Die waarborgsom ben ik dus kwijt.

Overigens blijf ik wel schrijven op dit blog omdat de huurder naar mijn mening op het gebied van rechten en reputatie compleet failliet is. Ik kan mij voorstellen dat anderen daar anders over denken maar je weet pas wat je aan rechten hebt als er problemen zijn. Ik ben op basis van fraude door een woningcorporatie met een schuld opgezadeld en die schuld heeft er uiteindelijk wel voor gezorgd dat mijn woning legaal ontruimd mocht worden. Ik kon dat bijna niet meer navertellen. Per toeval ben ik de juiste mensen tegengekomen waardoor ik vandaag niet op straat hoef te slapen. Maar deze ervaring heeft mijn leven wel met 10 jaar verkort.

Het is mij de afgelopen jaren tijdens het drama ’Ymere’ heel vaak opgevallen dat niemand de meerwaarde van huurders meer ziet. Wel van de woningcorporaties. Dat schijnen sociale weldoeners te zijn waar de huurders van profiteren. Dat is een heel verkeerd beeld van woningcorporaties en van huurders. Dankzij bewoners (dat zijn meestal huurders) staan er overal nog steeds prachtige huizen die al honderden jaren mee gaan. Woningcorporaties kunnen de mooiste huizen bouwen van de beste materialen maar als daar niemand in gaat wonen dan vergaat het huis. Vocht, schimmel, planten en dieren nemen het gebouw over. Verder gaat de natuur zich over het huis ontfermen en zich alle materialen weer toe-eigenen. Een huurder zorgt ervoor dat het gebouw geconserveerd blijft. Gewoon door erin te leven. Door een raam open te zetten en in het huis te stoken. Door schoonmaak- en onderhoudswerkzaamheden uit te voeren en aan de eigenaar door te geven als er gebreken zijn aan de woning. Dankzij huurders kunnen er partijen zoals woningcorporaties bestaan die dankzij de huurder gigantisch veel huizen kunnen bezitten zonder al die huizen dagelijks te onderhouden. Dankzij huurders heeft en houdt het bezit van woningcorporaties zijn waarde. Maar als de waarde van een woning wordt bepaald dan krijgt de huurder daar nul erkenning voor. Nee, dan krijgt de huurder de rekening gepresenteerd. Dat is een hele scheve situatie. Onder andere over dit soort zaken wil ik af en toe schrijven. De huren moeten zeker met 50% omlaag.

Ook heb ik eindelijk een reactie van de Huurcommissie ontvangen op mijn klacht over hun werkwijze. Je raadt het misschien al, de klacht is ongegrond verklaard. Er schijnt helemaal niets aan de hand te zijn. Zodra ik het huis een beetje op orde heb en alles weer kan vinden zal ik de reactie van de Huurcommissie hier publiceren.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *